Koken.

Vrijdagochtend om 10 uur lopen ik, Deborah en onze nieuwe duitse klasgenoot Max de grote markt van Cotonou op.
Om er te komen hoefden we slechts de volgeprote pick-ups te volgen die uitpuilden met ananassen, pluimvee, zakken rijst of een combinatie van het voorgaande.
Als je binnen een paar honderd meter van de markt bent kun je hem al horen en kom je nog dichterbij dan wordt het zicht je bijna geheel ontnomen door de krioelende massa van mensen, geiten, djahns en af en toe een vastgelopen bestelbus. 

Terwijl ik een foto maak van een vrouw met een schaal levende kippen op haar hoofd vertel ik aan Max en Deborah wat ik moet hebben.
Een beetje twijfelend, zoals je ook een eerste keer een koud zwembad induikt, duiken we de wilde zwarte zee in en we belanden in een drukte, benauwdheid en hitte die een vrijdagavond-budgetbar bij Café de Brouwer bijna evenaren.

De daadwerkelijke markt bestaat uit een doolhof van honderden hele smalle, laag-overdekte gangetjes met aan weerszijde donkere inloopkraampjes. Op prominente 'kruispunten' staan grotere kramen met meestal exotische vruchten, kruiden en specerijen en schreeuwende bezwete vrouwen. Ik zoek koriander. Een vrouw wijst naar een groene berg ter grote van een gezinsauto en tipt dat het daar wel eens tussen zou kunnen liggen.
Nog voor ik op de tast de composthoop-to-be afzoek wordt ik alweer afgeleid door wat een angstgil blijkt te zijn van een geit die op-zijn-kop aan zijn pootjes is vastgebonden aan het stuur van een Djahn. De chauffeur trekt zich er weinig van aan en spurt door de drukke zandsteeg met de gillende geit bungelend boven zijn voorwiel en haar eigenares achterop. 

We vervolgen onze tocht door deze overkill aan geluid, kleuren en geuren (voornamelijk een penetrante bedorven vislucht). Op het zien van een hoop rauw kippenvlees op een tafeltje in de zon, naast een stapel stinkende verbruinde vismoot van onherkenbare soort, besluit ik dat ik mijn inkopen elders ga doen; ik wil niet dat de vernietigende bijwerkingen van het eten van hier gekocht voedsel met mijn kookkunsten geassocieerd worden. (Het confronterende stemmetje in mijn achterhoofd herinnert me er echter aan dat dit waarschijnlijk de plaats is waar Mama Odette haar culinaire rariteiten inslaat - dat zou de diarree verklaren)

We eindigen onze opgegeven zoektocht in een relaxte toko waar we ons vochtverlies bijvullen met coca-cola. Deborah en Max gaan doen whatever zij het beste vinden voor hun vrijdagmiddag en ik roep een taxi-moto om me naar de dure, saaie, (maar wel ge-airconditioneerde) Europese supermarkt te brengen. Zonder verdere complicaties koop ik de ingredienten voor pannenkoeken met ham en kaas.
Thuis heb ik - je kent me - alle verpakkingen opengetrokken en alles ongedoseert over de hele keuken uitgesteld als halverwege de eerste pannenkoek het gaspitje ermee ophoudt. Ik vraag de Mama om bevestiging en even later kunnen Boris en ik de straat (lees: zandpad) op om gas te gaan zoeken. 

Met de brommer en met een lege gastank crossen we weer door de fata-morgana-bij-nacht [lees verslag 1&2]. Na een klein uurtje kan ik mijn gedroogde kalebasschil, ter vervanging van een bakspatel, weer oppakken en begin ik aan het publiektrekkende pannenkoekenbakken. Vooral het flippen van de pannenkoeken in de lucht is een geliefd spectakel.  De pannenkoeken zijn echt best wel heel erg gredelijk gelukt maar vallen niet in de smaak bij de barbaren. Mijn 'broertje' ontheiligt de zijne met twee eetlepels mayonaise en Jaures liegt dat 'ie ze wel lekker vindt. Zo lekker dat nu nog steeds de helft van de ingredienten onaangetast in de koelkast staat. Mij hoor je zeker niet klagen: raad eens wie er zondag pannenkoeken heeft als ontbijt, in plaats van die megasmerige bouille-drab?

Ok, tot zover week 3. Max gaat nu een schaap slachten en Deborah en ik gaan naar het strand.
Later! En rustig aan hè!

Reacties

Reacties

Marjolein

Ga jij nu de hele week pannenkoeken als ontbijt eten?

Adr Lensvelt

Hey Ralf,

Ja, ja, als een soort van 21e eeuwse Ralf Livingstone door onontgonnen Afrika koersen. Da's echt iets voor jou. Ik zie het al helemaal voor me: le petit prince met vier vrouwen. Goh, wat heb je het toch slecht. Je hebt een geweldige hand van schrijven (veel humor en zelfrelativering) en gelukkig is je spelling op hetzelfde baggerniveau gebleven. Geniet, ervaar, groei als mens en keep up doing the good work. Adr

roty

Dag Ralf,
Net een uur lang alle verslagen gelezen en deels herlezen. Wilde eigenlijk iets anders doen, maar werd jouw wereld ingetrokken. Mijn eigen ervaringen in Madagascar, Ladakh, Kasmir waren alleen van vakanties (en duurden dus niet zo lang) en gaven mij ook dat dubbele gevoel dat je zo treffend weet te beschrijven. Alles waar je aan gewend bent is anders en soms ook schokkend, mooi, spannend, ongemakkelijk enz. Je doet je best om mee te veren en toch overeind te blijven. Je terugreis is nog ver en je probeert op een geweldige manier stand te houden en te genieten. Ik kijk uit naar de volgende hoofdstukken en hoop dat je darmen weer tot rust komen!

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!

Deze reis is mede mogelijk gemaakt door:

Travel Active